Iets meer dan een week geleden hebben we ‘t college schriftelijke vragen gesteld over de opdracht aan de Rekenkamercommissie m.b.t. het Sociaal Cultureel Centrum in Soesterberg.  Gisteren kregen we daarop het volgende antwoord: ‘Uw vragen hebben betrekking op een deel van een document dat, in het kader van de afrondende coalitiebesprekingen, de resultante is van de finetuning binnen de coalitiebesprekingen over de definitieve portefeuilleverdeling. Daarmee is niet het college van Burgemeester & Wethouders het geëigende orgaan waaraan de vragen gericht dienen te worden, maar de onderhandelaars van de betreffende coalitiepartijen. Daarom hebben wij inmiddels uw vragen doorgezonden naar mevrouw Y.C. Kemmerling, optredend als vertegenwoordigster van de onderhandelaars van de coalitiepartijen.’

Met andere woorden: het college vindt onze vragen onjuist geadresseerd en schuift de hete brij door naar D66-wethouder Kemmerling.

 

Wij vinden de reactie -zacht uitgedrukt- op z’n minst opmerkelijk. Want waarom zou het college zich niet aangesproken voelen? Burgemeester én wethouders hebben namelijk wel degelijk met elkaar aan finetuning gedaan, de subportefeuilles verdeeld en dat met elkaar vastgesteld in de collegevergadering van 12 mei 2014. Kijk maar naar de kop van het overzicht, waarin die verdeling is opgenomen en dat we als raad ontvangen hebben:

College  van burgemeester en wethouders van Soest

Bestuursperiode 2014-2018

Portefeuilleverdeling:                       totaaloverzicht

Toedeling subportefeuilles:             definitief vastgesteld

Datum collegevergadering:              12 mei 2014

 

Van je collega’s moet je ’t hebben. Dat belooft wat voor de komende collegeperiode ….!