Donderdagavond 7 mei heeft de raad van Soest voor de zoveelste keer vergaderd over de wens van boer André van Dorresteijn en zijn familie om aan de zuidzijde van de Peter van den Breemerweg een boerenbedrijf te vestigen. De boer heeft daar al jaren een veldschuur in gebruik en wil het liefst ook op die plek gaan wonen.

Maar nieuwbouw in het buitengebied van Soest is geen eenvoudige zaak. In het begin van deze langjarige geschiedenis was de raad akkoord, maar toen werkte de Provincie Utrecht niet mee. De gemeente ging naar de rechtbank, de Provincie kreeg gelijk van de Raad van State, waarop de gemeente weer ging overleggen met de Provincie. En net toen beide partijen het eens waren over nieuwbouw van de boer, trad een nieuw college aan, dat een streep zette door bouwen in ‘de polder’.

Willekeur en betrouwbaarheid

Dat leidde in 2019 na veel discussies uiteindelijk tot een raadsopdracht voor een zoektocht naar een geschikte locatie voor de boer, met als uitkomst (maart 2020) dat er op dit moment binnen Soest géén geschikte locatie is om het boerenbedrijf te vestigen. En dus was de gemeenteraad weer aan zet. “Het is al jaren een hoofdpijndossier”, zegt DSN-fractievoorzitter Yolande Gastelaars “en het wordt er met de jaren niet makkelijker op. Niet in de laatste plaats door besluiten die wél worden genomen en waarbij ‘willekeur’ de hoofdrol lijkt de spelen; denk bijvoorbeeld aan het recente besluit over nieuwbouw buiten de rode contour aan de Ferd. Huycklaan, wat in een keer wél mocht van deze raad. Maar ‘willekeur’ past wat DSN betreft in ieder geval niet bij een betrouwbare overheid …”

Na 4 ½ uur vergaderen, was de conclusie donderdagavond dat er géén raadsmeerderheid lijkt te zijn voor de nieuwbouw in de gewenste omvang aan de Peter van den Breemerweg en dat er waarschijnlijk nog een zoektocht volgt naar een geschikte locatie in de regio. Wordt vervolgd op 19 mei a.s.